MEDITATIES DS. VAN VELUW
"Wie zijn mond op slot houdt, waakt over zichzelf, wie zijn lippen hun gang laat gaan, stort zichzelf in het verderf." (Spreuken 13:3 NBV)
Ach, het is zo gauw gezegd. U kent dat wel. "Heb je het al gehoord...?"
Roddelen. Het gaat zo gemakkelijk. Het voordeel is: als de ander naar beneden gehaald wordt, steekt dat jezelf omhoog. En zo beschadigt roddelen subtiel, maar wel moedwillig de ander. Christen of geen christen, roddelen siert niemand.
Zelfs die oude Griek, de filosoof Socrates wist al hoe schadelijk roddelen is. Maar hij wist ook hoe je het kunt voorkomen. Door eerst je woorden te zeven.
Op zekere morgen wandelde Socrates door de straten van Athene. Er kwam een man naar hem toe. "Socrates, ik moet je iets vertellen over je vriend die..."
Socrates viel hem in de rede en vroeg hem op de man af: "Zeg, ging jouw boodschap al door de drie zeven?" De man keek verbaasd op: "De drie zeven?" Socrates antwoordde: "Ja, de drie zeven. De eerst zeef is de zeef van de waarheid. Weet je zeker dat het waar is wat je zeggen wilt?" De man schaamde zich en bloosde: "Nou, zeker, nee, dat niet, maar ze zeggen het..."
Socrates vervolgde: "Dan gebruikte je vast de tweede zeef. De zeef van het goede. Is het iets goeds wat je over mijn vriend wilt vertellen?" Aarzelend antwoordde de man: "Goed? Nee, integendeel..."
Socrates keek bedenkelijk: "Dan gebruikte je toch zeker wel de derde zeef? Is het noodzakelijk dat je dit aan mij vertelt? Moet ik het beslist weten, om mijn vriend te kunnen helpen?" Ook dit moest de man ontkennen.
"Wel", sprak Socrates, "als je niet weet of dat wat je me wilt vertellen waar is, als het niet goed is en niet noodzakelijk, vergeet het dan en belast mij er niet mee. Goedemorgen!"
Gebed:
"HERE, stel een wacht voor mijn mond, waak over de deuren van mijn lippen." (Ps. 141:3)
Ds. A.H. van Veluw
"God beschermt de weg van wie Hem trouw zijn"
(Spreuken 2:8b)
"Nou, daar geloof ik niks van", hoor ik al iemand zeggen. Nee, het lijkt inderdaad soms wel andersom. Is het echt zo dat als je op God vertrouwt, dat dan je leven over rozen gaat? Hoeveel mensen zijn er niet die wel degelijk in God geloven, naar de kerk gaan, en zo, maar die toch ziek worden? Van wie toch een kind overlijdt. Die toch werkeloos worden, enzovoort.
Nee, het is echt niet altijd zo dat wie in God gelooft het voor de wind gaat.
Ook in de Bijbel zelf horen we deze tegengeluiden. Lees het boek Prediker maar. Die schrijver is veel pessimistischer.
Maar wat bedoelt deze spreuk dan? En het staat er niet één keer! Nee, vele keren lezen we in de Bijbel, dat wie op de Here vertrouwt het goed zal gaan.
Kijk, ik begrijp al deze bovenstaande gevoelens heel goed en ze zijn echt en waar. Maar laten we het ook eens algemener, in het groot bekijken. Is het dan toch niet ook zo, dat een land of een volk dat God verlaat ongelukkiger wordt? Is dat nu zo moeilijk voorstelbaar als je vandaag de dag om je heen kijkt? Als je ziet: de hunkering naar geluk van veel mensen. Is het dan toch niet zo, dat wie in God gelooft gelukkiger is/wordt?
Nee, een gelovige is niet beter dan een ander. Sommigen mensen denken dat. En als ze dan merken dat dat toch niet zo is, dan misbruiken ze dat ook nog eens als argument om zelf maar niet meer naar de kerk te hoeven gaan: "zondag zit ie vooraan in de kerk en moet je zien wat die op maandag doet". Laat duidelijk zijn dat God hier in elk geval niet intrapt. Hij weet wel dat kerkmensen/gelovigen niet beter zijn. Maar wel beter af.
Er stonden eens twee vliegtuigen klaar voor vertrek. In het ene zat allemaal schorriemorrie, maar het toestel had een bekwame piloot. In het andere zaten allemaal nette mensen, maar met een piloot die stomdronken was. Wat denk je welk vliegtuig het meeste kans maakt behouden aan te komen? Met welke ga je het liefste mee?
Het gaat dus niet om de mensen in de kerk, maar om de piloot.
In de kerk geloven we, dat Jezus Christus onze piloot is. Daar vertrouwen we op. Dan komen we veilig thuis.
Ds. A.H. van Veluw
Brieven aan God
(2 Korintiërs 3:2)
Er zijn nogal wat mensen die brieven schrijven aan God. Ze komen ook bij TNT Post (tegenwoordig PostNL, vroeger PTT) terecht. Tante Pos gooit ze weg, want welke besteller kan deze post in de hemel bezorgen? In sommige andere landen, waar ook brieven aan God worden geschreven, worden ze opgestuurd naar Jeruzalem waar een rabbijn ze tussen de stenen van de Klaagmuur stopt. Een tweede Kamerlid pleitte er onlangs voor dit ook met de Nederlandse brieven-aan-God te doen.
Brieven aan God. Blijkbaar is er behoefte om met God te communiceren. Wat er in die brieven staat weten we niet. Er is nog altijd het briefgeheim. Toen iemand van de Israëlische posterijen eens een aantal van die brieven-aan-God op hun internetsite had geplaatst, werd daartegen protest aangetekend wegens schending van het briefgeheim. De Israëlische posterijen verklaarden toen dat het om brieven ging van minstens vijftien jaar oud.
Een brief schrijven aan God. Op de jeugdclub of op de catechisatie kun je het ook een keer doen. Het is een creatieve manier om er achter te komen hoe jongeren over God denken, wat voor beeld ze van Hem hebben. Ook op de basisschool is het wel eens gedaan. Kinderen kunnen God nog wel eens ergens voor bedanken. Bij ouderen overheersen vaak de vragen. De vragen naar het 'waarom'. De inhoud van die brieven die bij de post binnenkomen zullen wel niet al te veel daarvan verschillen. Vaak hoor je mensen die een brief schrijven aan God ook zeggen: 'Dat heb ik nu wel gedaan, maar ik krijg toch nooit antwoord'.
Maar dat is niet waar. God heeft teruggeschreven. En schrijft nog steeds terug. Was zelfs de eerset die jou schreef. We hebben ook nog verschillende soorten brieven van God: papieren en levende. Laten we hopen dat degene die brieven schrijven aan God ook openstaan voor de brieven van God. Dat ze nieuwsgierig worden naar dat aloude boek van God, dat misschien niet altijd inzicht geeft in al onze 'waaroms', maar dat wel uitzicht geeft. Of laten we anders hopen - als dat boek voor hen nog een stap te ver is - dat ze dan de levende brieven van Christus tegenkomen (2 Korintiërs 3), mensen van Gods gemeente die op een aanstekelijke manier uit dat uitzicht leven. 'Onze brief zijt gij, leesbaar voor alle mensen'
Ds. A.H. van Veluw
De drie kruisen
(Lucas 23:33)
Wanneer wij deze dagen in gedachten de weg van Jezus meegaan, dan gaan wij via de paaszaal, Gethsemané, de zaal van Kajafas, het rechthuis van Pilatus, de via Dolorosa naar Golgotha of Schedelplaats. Het is te groot voor woorden om te beschrijven wat daar gebeurt. Misschien herinnert u zich nog wel de tijd dat je moeder of vader voorlas uit de kinderbijbel over de kruisiging van Jezus. Diepe indruk heeft dit gebeuren van de kruisiging op mij achtergelaten. Je ziet je zelf dan staan, daar op die heuvel bij die drie kruisen. Hebt u in gedachten ook wel eens bij het kruis van Jezus gestaan? Op Golgotha hebben drie kruisen gestaan. Jezus hing in het midden en naast hem hingen twee misdadigers, de ene aan zijn rechterzijde en de andere aan zijn linkerzijde.
Het ene kruis noem ik: het kruis met de gebalde vuisten. Dat is het kruis van de opstandige en spottende mens. De mens die om bewijs vraagt en zegt: "Jij bent toch de Messias? Red jezelf dan en ons erbij!" Zelfs in het uur van de dood met gebalde vuisten.
Het tweede kruis zou ik willen noemen: het kruis van de gevouwen handen. De mens die roept in het uur van de dood: "Denk aan mij wanneer u in uw Koninkrijk komt." De mens die weet: het is niet goed met mij. Zijn gebalde vuisten gingen over in gevouwen handen. Hoe dat zo kwam? Dat heeft hij niet in de tempel gehoord en niet van zijn moeder of van de rabbi's of uit een boekje. Dat zal gebeurd zijn hier op Golgotha, in het uur van sterven. Hij heeft Jezus aan het kruis horen bidden: "Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen." Toen heeft deze man Jezus leren kennen. Één die bidt voor moordenaars. Één die bidt voor de zondige mens zoals ik ben. Één blik op het kruis, één regel: "Jezus denk aan mij."
Het kruis van Jezus noem ik het kruis met de uitgestrekte armen: "Amen, Ik zeg u, heden zult gij met mij in het paradijs zijn." De uitgestrekte armen die alle zonden van u en mij opvangen en laten wegzinken in barmhartigheid.
En wat brengt Jezus mee bij zijn terugkeer in het Vaderhuis? Een mens die zich aan Hem heeft toevertrouwd. Dan weten wij ook wat ons te doen staat: de weg gaan van verzoening en vergeving. De weg van de gevouwen handen in plaats van gebalde vuisten. Nu en in het uur van onze dood.
ds. A.H. van Veluw
Amerikaans medisch onderzoek: 'Geloofstwijfel verhoogt sterfkans'
'Chicago - Zieke ouderen die kampen met religieuze twijfels en angsten lopen het risico eerder te overlijden. Dat blijkt uit een onderzoek van Amerikaanse psychologen onder 596 zieken van 55 jaar en ouder. Vooral de ervaring door God verlaten te zijn, twijfel aan Gods liefde en de overtuiging dat ziekte een straf van de duivel is, kunnen het leven verkorten.'
Een opmerkelijk bericht in de krant. Nu kun je zeggen: dat is weer typisch zo'n Amerikaans onderzoek. En dat is ook zo. Maar uit andere onderzoeken in verschillende landen is ook gebleken dat godsdienstigheid een positief effect heeft op gezondheid.
Maar toch vind ik dit nog te weinig. Het evangelie zegt meer. Het gaat in het geloof niet om hier een beetje langer te leven (wij kunnen geen el aan onze lengte toevoegen, zegt Jezus), het gaat om het eeuwige leven. Dat is kwaliteit van leven in intensiteit en duur. Vanaf nu al tot in eeuwigheid altijd bij God mogen zijn en blijven. Da's pas leven. Dat te weten daar wordt je gezond van.
Wij leven na Pasen. Ziekte, duivel en dood zijn overwonnen. Alles wordt totaal nieuw. Het gaat in het geloof niet om het oprekken of verlengen van dit leven. Geloven is juist het besef krijgen dat er iets mist aan deze wereld, zo schrijft de filosoof Safranski, dat we ons als vreemden voelen in deze wereld. En dat we de zin van het leven niet vinden door te wroeten in elkaars ingewanden of in de ingewanden van de wereld. Echt geloof verhindert een inburgering met huid en haar. Echt geloof is het tegenovergestelde van een inburgeringcursus. Echt geloof is beseffen vreemdeling op aarde te zijn, vluchteling. Echt geloof herinnert de mens eraan dat hij hier slechts te gast is met een beperkte verblijfsvergunning. Ons burgerschap is niet van deze wereld. 'Wij zijn burgers van een rijk in de hemelen' (Filippenzen 3:20).
Wij zijn op weg van het tijdelijke 'hebben' naar het eeuwige 'zijn'.
God wil ons dat geven, maar Hij kan dat vaak niet omdat onze handen nog te gevuld zijn met andere dingen. We 'hebben' te veel. Daarom is geloven ook: 'loslaten'. Loslaten van al het aardse goed. En dat is verschrikkelijk moeilijk. Wie kan dan zalig worden? Maar bij God zijn alle dingen mogelijk.
Ds. A.H. van Veluw